zondag 20 april 2014

Negentiende Editie


Optredens van: Hein-Jaap Hilarides & Markus Haringa (poëzie), The Flamenco Thief, Eva Hoogland, Wim & Thijs Elzinga, Oscar Jan Hoogland, Stanley Hoogland, Ensor, Head Relax Man
Locaties: de woonkamer van Markus, tuin en tuinhuis van Oscar Jan, de platenkelder van Marcel, de woonkamer van Ed.

Ed Schenk maakte bijgaande foto's, Gert 'Vido Liber' Verbeek publiceerde een uitgebreider beeldverslag op zijn weblog en Christel Groot schreef een impressie:

Het is Pasen. Het is zonnig en heet. We zijn in Oost en wel in de Bankastraat. Op de tafel Paasschuimpjes; wie wist dat die bestonden? Het publiek schuift nog wat onwennig langs elkaar als twee dichters, waaronder onze gastheer, de spits afbijten. Hein-Jaap dicht over zon, haring, zout en klei en over dat op feestdagen alles naar feest smaakt. De inspiratie komt voor Markus, de tweede dichter en tevens gastheer, uit het hoge Noorden. Marcus: ‘Ik kam met spijkers mijn ijzerhaar’.
 
Om  half zeven precies is in Antwerpen vanochtend Craig Sutton opgestaan, also known as The Flamenco Thief, om voor ons het 48e optreden in zijn Europese tour van 159 optredens te verzorgen. Zijn energieke muziek bestaat uit verschillende Flamenco elementen die met samples over elkaar heen worden gelegd, waardoor een zonnig palet aan opzwepende klanken ontstaat. Latin America on a rainy day. Warmte ontstaan in de kou van winderig zuid Engeland, waar Craig woont en postbode is. De enige andere postbode in ons gezelschap krijgt dan ook een hommage. Terecht. Terwijl de treinen op de achtergrond passeren, reageert de versterker van Craig op de wasmachine van de bovenburen. Hoe ‘wijsjes’ wil je het hebben.
De volgende pleisterplek is een tuin - wat heerlijk, een tuin- dicht bij de Molukkenstraat. Terwijl het publiek zich, innig tevreden met het zojuist aangereikte perenijsje, nestelt tussen de varens, komt de volgende artieste tevoorschijn uit de schuur. Eva Hoogland zingt, gekleed in stemmig roomwit, Turkse liederen, zichzelf begeleidend op de saz. In Eva woont duidelijk hoorbaar een oude melancholische Turkse vrouw. De buurvrouw in de aangrenzende tuin leest ondertussen stoïcijns in haar onderbroek de krant. Ze trekt haar shirtje ook nog uit. Wat nou pottenkijkers. Onze gastheer Thijs Elzinga speelt intussen met vaderlief een portie bluegrass, over railroadtracks en een beetje janken op de stemmige banjoklanken. Daarna mag iedereen de schuur in  voor improvisaties van Oscar Jan met melkopschuimers en een clavecimbel, die dan weer klinkt als een gitaar. De schuurmachine van de bovenburen gaat prima samen met  deze muziek. Stanley Hoogland speelt nog een nocturne op piano in de schuur, terwijl in de tuin de eerste biertjes opengaan.

Via het gebied rond de Polderweg komen we aan in de Transvaalbuurt waar het eindelijk tijd is voor de traditionele jenever en augurk. We moeten de zon tijdelijk gedag zeggen om af te dalen in een ‘man cave’, waar de band Ensor, vernoemd naar een Vlaamse dichter, een akoestische sessie doet. Kiki, het enige kind in het publiek, zit alweer op de schoot van een ‘vreemde’ mevrouw en een dame uit het publiek heeft zich heerlijk genesteld op het bed achter het podium.
De laatste locatie van vandaag is op het Beukenplein. Alleen……niemand weet het huisnummer. Na twintig minuten zwaait de deur dan toch open en blijkt er een heus hartige taarten buffet voor ons klaar te staan. Terwijl de jongetjes op de galerij beneden voetballen, smullen wij van het eten met onze gezichten in de allerlaatste zon. In de goot stroomt een omgevallen glas rode wijn.
Naar binnen voor het allerlaatste optreden van Head Relax Man, waarbij Tineke Vroegop (met stropdas!) en Wim Elzinga (Hey, where did we see this guy before?) nog even alles op alles zetten. Terwijl Tineke zich afvraagt of haar gitaar wel is aangesloten, speelt Wim nog maar eens een heerlijke ukelele-solo.

Het was weer mooi. En mooi weer ook. Het was weer wijsjes. En dat al voor de 19e keer.

zondag 1 september 2013

Achttiende Editie: Zuiderzee-ballade


Optredens van: Gardening Company, Bomberléo, Ditmer & Ajay, Maggie Brown
+ film: 'Wah Do Dem' (Ben Chase & Sam Fleishner, 2009)
Locatie: een voormalige scheepsloods in Durgerdam

zondag 26 mei 2013

Zeventiende Editie


Optredens van: Laura Mentink (performance), Lester, Heading North, Dan Geesin, Bruno, Rob K.
Locaties: de woonkamer van Olga en Bas, een voormalig postkantoor, het atelier van John, Oostzee

Tekst: Peter Rijnsburger, foto's en video: Gert Verbeek

Het organiseren van kleinschalige concerten in winkels, huizen of andere panden lijkt steeds populairder te worden. Recente voorbeelden zijn de geslaagde estafetteconcerten op het Doek festival in Amsterdam en de stadsexpedities in Dordrecht tijdens het Urban Explorers festival. Maar het sfeervolste en verrassendste uitje in deze stijl blijft Wijsjes uit het Oosten, dat op zondag 26 mei de 17e editie beleefde. Het mooie is dat het publiek het programma niet kent, maar zeker weet dat de organisatie weer iets speciaals heeft bedacht. Zo ook deze keer. Bij het startpunt, een huiskamer in de Bankastraat te Amsterdam Oost, begon het meteen goed met Chanson Russe van Igor Strawinsky. Zijn Sacre du printemps staat dit jaar in de schijnwerpers omdat dit meesterlijke werk een eeuw geleden zijn première beleefde. Wij krijgen vervolgens in de huiskamer een indringende performance te zien. Begeleid door creepy geluiden, afgewisseld door rustige klassieke muziek (dj Oscar Jan Hoogland), kruipt een schuwe vrouw (gespeeld door Laura Mentink) uit een kast, gaat aan tafel zitten en hapt woest in een brood, drinkt er wat bij en schrikt op van een openstaande deur en uit een doos vallende steentjes. Ze probeert, geblinddoekt op een tafel staand, of zij kan vliegen. Gelukkig ziet zij hier van af (opluchting bij het publiek). De wanhoop is voelbaar, uiteindelijk keert zij terug in de kast nadat zij alles netjes op zijn plaats heeft gezet: de stoel, de steentjes in de doos. We krijgen geen uitleg of duiding, het is wat het is. Daarna is het tijd voor iets luchtigers, en jawel, daar is Lester. Gezeten op een stoel op een tafel krijgen we enkele gitaarliedjes voorgeschoteld. Lester (Mark Meeuwenoord) krijgt ondersteuning van Manu Ornon (een krachtige tweede stem) in een paar nummers.

De cake, koek, thee en koffie zijn op, dus we verplaatsen ons naar de tweede locatie in de Wijttenbachstraat. Daar staan jonge jenever en augurken klaar in een pand dat nog 'under construction' is en tijdelijk beschikbaar voor culturele activiteiten. Het duo Heading North (Laurie en Maria), verzorgt een unplugged optreden met prettig in het gehoor liggende songs. Echt iets voor de zondagmiddag. Jammer is alleen dat de percussie net iets te luid klinkt in de holle ruimte, waardoor de stem en gitaar wat minder goed te horen zijn. We bewegen ons voorts per fiets of lopend in zuid-westelijke richting naar de derde locatie in de Vrolikstraat. Nomen est omen, zoals de Romeinen zeggen, want daar is Dan Geesin met zijn opbeurende liedjes. De zon is gaan schijnen, er ligt een grote stapel boterhammen met smeerkaasbeleg en komkommer (lekker fris), en er is rosé. Een ideale ambiance voor de muziek van Dan. Hij bespeelt afwisselend een elektrisch orgel en keyboard en zingt licht absurde teksten over alledaagse zaken. Vooral het nummer over de 'meaning of life' zorgt voor een brede glimlach bij de tekstregel: we' re gonna google it up. Ik koop zijn cd Music by post die in een speciale verpakking is gestoken. Een in driehoeken gevouwen papieren hoes, bijeengehouden door een zwart elastiek. Toeval of niet: ook de boterhammen zijn in driehoeken gesneden, De organisatie denkt ook overal aan.

Op naar de laatste locatie, een schoolgebouw in de Laing’s Nekstraat vlakbij het Steve Bikoplein. Voordat we aan het eten beginnen, krijgen we een solo optreden geserveerd door Bruno op basgitaar (en veel meer, zoals zal blijken). De opstelling doet mij denken aan het soloproject Land Observations, een Engelse jongen die met zijn gitaar een soort postrock in Michael Rother stijl (bekend van Neu! en Cluster) speelt. Bruno gebruikt ook een batterij effectapparatuur maar klinkt funkier en experimenteler. Een basgitaar kan hij zelfs als gitaar of elektronica laten klinken. Magie uit een doosje en pedalen. Bruno kijkt af en toe naar ons, om te zien of we wel doorhebben wat hij doet. Nee, geen flauw idee, maar wat is het goed. Dé verrassing van de dag. Na het verrukkelijke eten, bietensalade en pasta met groenten, komen de mensen die snakken naar een portie rock & roll aan hun trekken. Een grote Amerikaanse vlag (of wat daar sterk op lijkt) wordt uitgevouwen achter het trio en over een tafel gedrapeerd met als opdruk: Rob Kennedy for president. Rob K is een kruising tussen Jon Spencer en Little Richard die geen microfoon nodig heeft. Een echte performer. De twee gitaristen, waarvan er één de kickdrum met zijn voeten bespeelt, produceren lekkere vette riffs waarop Rob al surfend (niet zo gek: hij woont tegenwoordig op Hawaii) zijn teksten knauwend uitspuugt. Hij deinst er niet voor terug om op zijn hoofd te gaan staan of een salto te maken. Dat laatste is niet zonder risico: als hij na een salto opstaat loopt er een bloedstraaltje tussen zijn ogen naar beneden. Bij de salto heeft de halsketting in de vorm van de letter R zijn hoofd geraakt. Maar dat is een detail. Zijn tip voor de dames: don't be afraid to wake up with make up. Enfin, we gieren op een mooie finale af en daarna kopen we wat cd's en vinyl bij Rob. Ik ga naar hu s met een single (Dirty 12/Bad Gita) waarop Jon Spencer en Christina Martinez meespelen. Zo komt een einde aan een geslaagde editie van de Wijsjes. Kernwoorden: inventief, intiem en informeel.

zondag 8 juli 2012

Zestiende Editie


Optredens van: Cello-ensemble Sharp, Matto Frank, Hartog, Daan Doesborgh, CCQP.A.Coté, Ketelbinkie
Lokaties: Oostzee, een kantoor in de Wijttenbachstraat, de huiskamer van Arthur en Netta, een viaduct aan de rand van Oost, Delicatessen

Ed Schenk maakte de foto's, Vido Liber schreef een impressie:

Voor de zestiende editie van ons favoriete Amsterdamse huiskamerfestival moesten we ons melden bij een blauw hek om de hoek van het Steve Bikoplein in de Transvaalbuurt. Een wachtwoord was niet nodig, maar misschien is dat een idee voor de volgende editie. In het noodlokaal van een basisschool werden we begroet door modellen en tieneridolen, vriendelijk glimlachend vanaf tijdschriften uit de jaren vijftig, op een rijtje hangend aan de achtermuur. Baby Jim, bij het eerste optreden de allerjongste onder de festivalbezoekers, kirde goedkeurend bij de eerste lage noten van cellokwintet Sharp. De titel van het openingsstuk is Conclusion, vertelde de senior celliste van het ensemble, en alle composities zijn van de Finse cellogroep Apocalyptica. Omdat ze zelf, vrijwel moeiteloos, de meeste snelle passages voor haar rekening nam, en de overige, jongere strijkers zich voornamelijk beperkten tot afwisselend zwaarmoedige lange uithalen en dreigende staccatobassen, rees het vermoeden dat de linker celliste de lerares is en de rest van de groep haar pupillen. Een van de mannelijke strijkers gebruikte een broekriem om te voorkomen dat zijn instrumenten tussen zijn benen vandaag zou glijden - de gesp rondom een stoelpoot en de punt van de cello vastgepind in een van de riemgaten. Het vocht van de langdurige ochtendregen leek in de instrumenten geslopen, want niet alle noten klonken even zuiver. Na enkele eerste aarzelende passages raakten de muzikanten meer op dreef en gleden de noten steeds soepelere om en over elkaar heen. Sharp is plechtiger dan de langharige Finse voorbeelden. De groep durfde niet helemaal los te gaan, maar dat was wel zo prettig zo vroeg in de middag.

Buiten was het ondertussen opgehouden met regenen. Gelukkig, want we moesten een stukje lopen, van de Transvaalbuurt richting Oosterpark, waar zojuist een verregende editie van Roots Open Air was begonnen. Doffe bassen reikten vanuit het park tot aan onze volgende locatie aan de Wijttenbachstraat. Tijd voor een broodje, een koele rosé en Chinese popmuziek. Belicht door slechts een leeslampje mixte geluidskunstenaar Matto Frank vanaf een laptop eigen opnamen van een reis uit China met toegankelijke ambient. Achter hem projecteerden festivalorganisatoren John en Loes foto's van hun laatste twee Chinese reizen. Vergane communistische glorie, groene sawa's, zoet gekleurde neonreclames, reusachtige Boeddhabeelden, straattaferelen, nachtelijke stadsgezichten, wonderlijke koopwaar en karkassen van honden bij een slagerij werden afgewisseld met portretten van passerende Chinezen: een slapende reiziger, een lachende man naast een Boeddhahoofd, een jochie achterop de fiets van zijn moeder. Ook Matto Frank haalde Chinese individuen uit de massa door van dichtbij opgenomen conversaties in zijn soundscape te verwerken. Zowel uit de muziek als uit de foto's kwam naar voren hoe gastvrij het land kan zijn en hoe leuk de Chinezen het vinden een vreemdeling uit een ver land te tegen te komen.

Een laatste plensbui begeleidde de voortzetting van onze wandelroute, onder het viaduct door de Indische buurt in, naar het Ceramplein. We pasten niet allemaal in de lift naar de tweede verdieping en arriveerden daarom groepsgewijs in de woonkamer van Arthur en Netta. Singer/songwriter Hartog speelde nummers van zijn vorige album No Hero (2010) en van de elk moment te verwachten tweede cd Happy Days. Liedjes over verdwalen, dichtbij of in verre landen (Spanje, Italië), pasten goed bij een festival waarbij zelfs de organisator wel eens een verkeerde weg inslaat, zoals we een uur later zouden merken. Hartog had de meest melancholieke akkoorden op zijn akoestische gitaar uitgekozen om zichzelf mee te begeleiden. Drummer Rowin Tettero zorgde voor bescheiden ritmes. Om de liedjes nergens te overstemmen beperkte Tettero zich zoveel mogelijk tot brushes. De koffer van de snaredrum diende deze middag als basdrum. De gastvrouw probeerde een voorzichtige dansje in de aan de woonkamer grenzende keuken.

Het langste loopje van de dag, van Ceramplein naar het Oostelijke Havengebied, werd kort onderbroken door woorden van poëtische aard. We moesten wel eerst het juiste viaduct zien te vinden, aan de rand van Oost en stadsdeel Centrum. Daarbij overschreden we voor het eerst de festivalgrens. Dichter Daan Doesborgh wachtte ons aan het Oostelijke deel van het tweede viaduct op. Zijn gedichten werden soms overstemd door de opstekende wind, het verkeer dat in en uit de Piet Heintunnel reed en, als je heel goed luisterde, de bijen rondom de opgestapelde Bijentafels van kunstenaar Frank Mandersloot aan de overkant. Schor van eerdere declamatieopdrachten liet Van Doesborgh een paar voorbeelden uit zijn eigen spitsvondige werk over het kruispunt schallen. Bij een gedicht waarin hij het uitmaakt met zichzelf, werd het hardst gelachen. Hij sloot toepasselijk af met een gedicht van de ons eerder in de week ontvallen Gerrit Komrij. Een liefdesgedicht, over het vrijkomen van lichaamssappen en los zittende huidkorsten, die ons de lust tijdelijk ontnam.

De Piet Heinkade volgend kwamen we vanzelf terecht op de laatste locatie van het festival: Delicatessen aan de Veemkade, nog geen twee dagen eerder met groot succes geopend. Bij binnenkomst was CCQ, oftewel het Chris Corstens Quartet, het jazzcombo rondom de sopraansaxofonist en componist Corstens, al begonnen. Het leek even alsof we ongevraagd op bezoek waren bij andermans feestje. Op de stoelen en zitzakken zaten mensen die we die dag niet eerder in ons gezelschap hadden gezien. Een baby en een peuter probeerden naast hun moeder een bijdrage te leveren aan de improvisaties. Binnen een compositie kon een vrolijk springerige thema zomaar overgaan in plechtstatige, licht weemoedige filmmuziek. Vanuit muzikaaltechnisch oogpunt bekeken was CCQ een hoogtepunt in onze route.

De Franstalige Canadees P.A. Coté uit Saguenay, Quebec heeft het voorkomen van een globetrotter, een scheepsjongen die rond zijn pubertijd heeft besloten niet meer te groeien en nooit volwassen te worden. Het zou me niet verbazen als hij pas in de loop van de middag met zijn boot in de Amsterdamse haven was gearriveerd en nog een beetje moest wennen aan ons wisselvallige klimaat. Zijn Engelstalige aankondigingen in zwaar Frans accent waren nog enigszins te volgen, maar de inhoud van zijn eenvoudige, rauwe liedjes in plat Quebecs en Montreals gingen volledig langs me heen. Begeleid door een bassist en percussionist Menno op wasbord (altijd met mes en vork spelen!) leken zijn drankliederen afkomstig uit dat zuidelijker gelegen Franstalige Amerikaanse gebied, de Cajun Triangle in Louisiana, waar een ander onverstaanbaar dialect wordt gesproken: patois. Ik werd warmer van de groentesoep dan van de muziek.

Wijsjes Uit Het Oosten, dat dit jaar het tienjarig bestaan viert, deed zijn reputatie als een van de meest gevarieerde festivals weer eer aan. Na de cello's, soundscapes, liedjes, gedichten, jazz en drankzangstukken werd de dag afgesloten met Ketelbinkie. Bij zo'n bandnaam verwacht je op zijn minst een Rotterdams smartlappenkoor, maar Ketelbinkie is een wispelturige uitbarstingen voortbrengend trio, met Oscar-Jan Hoogland (de pianist van CCQ) op Moog synthesizer en andere elektronica, Bas Jacobs (eigenaar van Delicatessen en medeorganisator van de Wijsjes) op gitaar en effecten en de doorrookte stembanden van dichter Daan Doesborgh, de Nederlandstalige Captain Beefheart. De loops uit een van de gitaareffectenkastjes zorgden voor een ritmische basis waar de drie muzikanten hun gecontroleerde chaos dankzij hobbylijm tot een verbazingwekkend hecht geheel wisten te plakken, ergens in het schemergebied tussen The Ex, André Manuel en een stroomstoring.

zondag 27 november 2011

Vijftiende Editie

Optredens van: Springer & Greeven, G.W. Sok, The Gardening Company, Bob Corn en Simple People
Lokaties: Varna's woonkamer, John's atelier, een bestelbusje aan het eind van de Polderweg, Carmel's en Sanne's woonkamer, Delicatessen

Een impressie van B. Zoeker:

Er was zondag in november. Er was nat want er was regen. Er was aanbeldeur met huis. En er was huisvolmetbezoekers. Er was koek en taart en koffie. Er was daar Springer er was Greeven. Er was dus zang met heel wat toetsen en erna was er applaus. Er was dan wandel door de straten. Er was droog want nu geen regen. Er was halte twee in atelier. Er was broodjes. Er was drankjes. Er was GW Sok met woorden die zo hoorden. Er was luisteren en praat. Er was lopen weer op straat. Er was busje langs de spoorlijn. Er was daarbinnen man of drie. Er was Gardening Company. Er was fluiten. Er was hun liedjes hop naar buiten. Er was "wat drink je". Er was "drankje". Er was wandeling weer op weg. Er was tunnel straat en nog een straat. En er was woning op driehoog. Er was trappen op en hoge stapel jassen. Er was hoge stapel brood. Er was water koffie bier en wijn. Er was gitaarversterk reuze fijn. Er was Bob Corn. Er was zijn zang. Er was plezant gehang. Er was de trap af naar beneden. Er was straatuithoekom laatste stop. En er was soep en brood en Simple People. Er was flink wat laatste liedjes. Er was nazit napraat buitendonker. Er was Bas en John en ons en er was proosten... Er was Wijsjes er was Oosten.

























zaterdag 18 juni 2011

Veertiende Editie: LenteUitje

Optredens van: Andrew Vladek, Oscar Jan Hoogland & Caroline Ruijgrok, Uinko Eerenstein, Showdog, The Bellbines

Lokaties: Grafisch Werkcentrum, Delicatessen, diverse woonkamers

Een impressie van Peter Rijnsburger:

Op een zomerse hemelvaartsdag was ik in Amsterdam Oost voor het jaarlijkse lente uitje. Om één uur 's middags verzamelen muziekliefhebbers zich bij de Delicatessen-winkel in de Sumatrastraat. Het programma is nog een verrassing. Dat is ook het aardige: reisleider Gloria brengt ons naar bijzondere locaties waar wij optredens bijwonen. Zo bezoeken we een grafisch werkcentrum, een benedenwoning waar we binnenkomen via het raam en een bovenwoning op de tweede etage waar we badend in licht een fraai unplugged optreden van Andrew Vladeck voorgeschoteld krijgen (onder meer een bluessong van Blind Blake). De voorlaatste stop van het uitje is een oefenruimte waarin Uinko Eerenstein's muziek is te horen, die ergens tussen Hans Dorrestijn en Johnny Cash ligt, grappig en serieus tegelijk, zoals in teksten als "koopman mag ik een mandarijntje proeven" en "over smaak valt te twisten, tenminste wel met mij".

Terug bij Delicatessen serveert gastheer Bas Jacobs soep met brood. Als laatste spelen The Bellbines een opgewekte set van folksongs die de zonnige stemming van het uitje nog even verlengt. Speciale vermelding verdienen de catering (drank en versnaperingen waren onderweg bij de prijs inbegrepen, slechts € 10), en natuurlijk alle optredens. Zo ongedwongen en relaxed kom ik het zelden tegen: napraten met de muzikanten en de andere bezoekers zorgt voor een aangename sfeer. Ik volsta met een korte impressie van de nog niet genoemde optredens en raad iedereen aan om de websites van de artiesten te bezoeken voor meer informatie en (soms) gratis downloads. Oscar Jan Hoogland en zangeres/verteller Caroline Ruijgrok voeren een sfeervolle soundscape uit, die beelden oproept van uitgestrekte grasvlaktes en woestijnen in Amerika. Desolate (slide)gitaar, krakend vinyl, een vervormde stem, flarden tekst over boeren, koeien en de Marlboro man.

Ook sfeervol is de muziek in het verdonkerde Grafisch Werkcentrum waar we tussen drukpersen (merk: Heidelberg) een mooi verhaal horen over een drukker en zijn vrouw, die verschillend aankijken tegen de ruimte waarin wij ons bevinden. Sterke liedjes van een akoestisch trio (gitaar, bas en zang) met uitvoeringen van Dream a little dream (Mamas & Papas), Serpentine (dEUS) en Breakaway (Tracey Ullman). Dat laatste nummer wordt veel trager uitgevoerd dan het origineel, waardoor het wint aan zeggingskracht en emotie. Tot slot noem ik het prima ingespeelde duo Showdog die in een volle huiskamer (ik kan nog net een plekje vinden naast de platenspeler en albums van Beck en The Beatles) een gevarieerde set van folkpop songs speelt. Dit lente uitje is samen te vatten met het volgende bekende citaat op een albumhoes uit 1967: a splendid time is guaranteed for all.

zondag 24 april 2011

Paaswijsjes: Eitjes Uit Het Oosten

Optredens van Old Seed [Canada], André Schaminee, Templo Diez, The Bellbines, Easter Parade, Uinko Eerenstein, Kanipchen-Fit, RaaskalBOMfukkerZ

Locatie: voor deze gelegenheid -Paaszondag- niet meerdere maar slechts één zeer toepasselijke plek: een leegstaande kerk.

Subjectivist, radiomaker ('Senzor') en recensent ('Caleidoscoop') Jan Willem Broek schreef een gedetailleerd verslag:

Ongeveer twee keer per jaar gebeurt er iets bijzonders in de wereld, of specifieker in Nederland, of nog specifieker in Amsterdam en nog nog specifieker in Amsterdam Oost. Dan organiseren John Prop en Bas Jacobs namelijk hun 'Wijsjes uit het Oosten'. [...]

Heel toepasselijk moeten we ons met Pasen verzamelen in een leegstaande kerk ergens in -hoe kan het ook anders- Amsterdam Oost. Terwijl de zon fel schijnt, dralen de eerste bezoekers weifelend om elkaar heen; veel bekende gezichten van mensen die je niet echt kent. Je weet dat het niet lang gaat duren alvorens de groep van enkele tientallen mensen een hechtere groep wordt. Gedeelde interesses en de aanwezigheid op een unieke gelegenheid verbindt. Er staan pakken vruchtensap, cola en water klaar om de dorstige menigte al iets te temmen. De uitzondering op de regel, zo blijkt spoedig, is dat we op deze fantastische locatie blijven en niet zoals gebruikelijk verkassen.
De optredens
De openingsact start ongeveer om 13:30 buiten, een half uur na de verzameltijd in de schaduwrijke hoek voor de kerk. Het is de Canadese muzikant die zich Old Seed noemt. Ondanks zijn Mastodon t-shirt, Zappa-snor, lange haar en vele tatoeages brengt hij een zeer gevoelige singer-songwriterset ten gehore. Akoestische gitaar en zang met op de achtergrond overvliegende duiven, meeuwen, omvallende bekertjes, ambulances en spelende kinderen. Na een innemend optreden worden we in de kerk uitgenodigd alwaar koffie en paasbrood klaar staan. Aan de achterwand van de kerk prijkt een reusachtig roze paaskonijn. Op het balkon galmt ineens de stem van gastheer Prop die op sacrale wijze het concept van de dag bezingt en uitlegt. De sfeer is gezet. Hij kondigt ook de volgende act aan.

Op het kansel staat 'broeder' Andreas (André Schaminee/LVR labelbaas) klaar om zijn eerste korte lezing te houden over fascinerende familieverhalen die dreigen te verdwijnen, omdat nu eenmaal bij het overlijden van familie nu eenmaal verhalen verdwijnen. De verhalen zijn meen ik me te herinneren afkomstig van twee oude ooms. De setting in de kerk is perfect hiervoor. Hierna speelt in de hoek van de kerk, achter het altaar Templo Diez een adembenemende set. Altcountry, Americana, singer-songwritermuziek en pop in perfecte harmonie. Sowieso een band die veel meer aandacht verdient, net als de zijprojecten van zanger/gitarist Pascal Hallibert (Praise The Twilight Sparrow, Point Quiet). Pascal zingt op rustige wijze, speelt gitaar en zo nu en dan mondharmonica; ook neemt hij een keer de plek van de drummer in. Hij wordt begeleid door een Leejon Verhaeg (gitaar), Hans Custer (contrabas), Miranda Visser (viool) en Paolo Panza (drums, percussie). Het is werkelijk zo mooi dat iedereen stil valt.

Na het optreden worden we verzocht ons in de zijkerk te vervoegen alwaar het trio The Bellbines een moderne versie van de zeventiger jaren folk en altcountry ten gehore brengen. Stemmige liedjes met korte anekdotes erbij. Nadat we allemaal de bloemetjes in ons haar hebben gekregen van de muziek wachten gastheren John en Bas ons op met jenever en zuur, zoals het betaamt in de kerk. Licht aangeschoten, want niemand krijgt slechts één borrel en het gaat erin als een preek, maken we ons op voor de tweede boeiende lezing van Andreas.
Naast het altaar krijgen we vervolgens een wervelend optreden van Easter Parade. Dit is het project van onder meer violiste, zangeres, gitariste en toetseniste Susanne Linssen (ex-Seedling, Hospital Bombers. Awkward I). Ze wordt begeleid door een violiste, altvioolspeler, gitarist/toetsenist (mede-Hospital Bomber) en percussioniste met bekende gezichten maar waarvan de namen me even ontschoten zijn. Het vijftal levert prachtige en leuke liedjes af over verlaten kerstbomen en toch weer niet, over littekens die je aan je kersverse lief laat zien en andere onderwerpen. Susanne brengt, wellicht mede dankzij de borrels, ook alles met veel humor.

Over humor gesproken, het optreden dat volgt in de zijkerk is van Uinko Eerenstein. Hij lijkt wat autistisch over zijn gitaar te harken, maar zodra de zaal 'gevuld' is begint hij met zingen. De monotone zang vol cynische en hilarische teksten doen met meer dan eens denken aan Hans Dorrestijn, alleen dan misschien nog wel leuker. En er zit ook wel een Drs. P in. De zaal ligt ook regelmatig plat om zijn gortdroge humor. Op zijn site kan je ook luisteren naar een aantal van zijn nummers, maar zoals ze hier akoestisch uitgevoerd worden is het eigenlijk nog mooier. Een verrassend leuk optreden zo bijna aan het einde van de dag.

Inmiddels staan er op het altaar diverse alcoholische versnaperingen en sandwiches te wachten op de gasten, die gretig genuttigd worden als Andreas zijn laatste korte lezing geeft. Empee Holwerda (ex-Lul, ex-Solbakken, Kanipchen-Fit) begeleidt hem ondertussen op zijn akoestische gitaar, waardoor je een soort bezwerende spoken word act krijgt, die in de kerk wel heel fraai uit de verf komt. Hierna brengt Kanipchen-Fit, Empee samen met zijn geweldig expressieve vrouw en zangeres Gloria, in de alkoof een fantastisch opzwepende, akoestische set ten gehore. Bij hun verstilde nummers krijg je zelfs kippenvel. Geweldig! Ook al was de akoestiek hier eigenlijk bereslecht.

Tot slot brengt het duo de RaaskalBOMfukkerZ in de pastorie hun net zo merkwaardige als fascinerende set ten gehore. Ik zie ze zo op de Kleine Parade staan met hun beschilderde gezichten, kostuums en hun tussen geniale en gekte balancerende muziek. Robuust gebrachte poëtische teksten onder begeleiding van stuiterende beats, hip hop-achtige stukken, noise en soundcapes. Een prima afsluiter van een unieke dag. Eten en drank zijn hetgeen dat rest. Zo krijg en houd je nog eens ongelovigen in de kerk. Wellicht niet helemaal volgens de Paas-gedachte, maar wie maalt daar om?

Eigenlijk wil ik dit festival helemaal niet delen met anderen, want het unieke karakter ervan bestaat mede door de intimiteit maar het is ook zo bijzonder dat iedereen er gewoon van weten moet.


zondag 17 oktober 2010

Twaalfde Editie

Optredens van Clara, OO Is An Instrument + Rick Treffers, Oscar Jan's improvisatieduo, Marijke, Mark, Coldair, Analogic Sound Project, Off-Topic

Lokaties: de woonkamer van Clara en Lenneke, de woonkamer van Oscar Jan, de woonkamer van André, de woonkamer van Karst-Janneke en Roel, de Salon van Marci Panis

Een impressie door Christel Groot:

Geheel in lijn met het nieuwe regeerakkoord bewijst misschien wel het kleinste popfestival van de wereld ‘Wijsjes uit het Oosten’ dat het zonder subsidie kan. Op bijna verontschuldigende toon wordt aan het begin van de festivaldag medegedeeld dat de biertjes (à 1 euro) tijdens het laatste optreden toch misschien niet helemaal zijn inbegrepen bij de entreeprijs. De entreeprijs bedraagt namelijk ‘al’ 10 euro. Voor dat geld krijg je in meer dan zeven uur ‘slechts’ zeven concerten, broodjes, jenever, wijn, koekjes, koffie, olijven en dadels voorgeschoteld. Laat Rutte deze succesformule niet ter ore komen, want voor je het weet wordt het Concertgebouworkest voortaan gedwongen om gratis in jouw woonkamer te komen spelen.

Wijsjes heeft een aanstekelijk soort enthousiasme. Twee bezoeksters van de vorige wijsjeseditie stellen onmiddellijk hun huis in ‘Diep Watergraafsmeer’ beschikbaar voor het eerste optreden. Ik herken de twee Senseo-apparaten op hun aanrecht van de vorige editie. Clara, een van de gastvrouwen, opent de middag door bijzondere klanken te toveren uit een Logwood (modern Afrikaanse xylofoon) en een Hang (Zwitserse uitvinding: denk aan twee op elkaar gelaste wokpannen). In de zonnige woonkamer neemt Bloem de Ligny het over (Jaah, what happened to Bloem??) Zij zingt tegenwoordig zeevrouwsliedjes. Het deuntje van de ijscoman buiten vermengt zich door de openstaande deur prachtig met haar, nog steeds ijle en karakteristieke, muziek.

Het volledige gezelschap verplaatst zich van ‘diep Oost’ naar de Indische buurt. Tijdens de wandeling passeren we de allerlaatste marathonlopers, of liever marathonstrompelaars. Hoeveel kilometer is zo’n marathon eigenlijk?, vraagt een festivalganger. Cultuur en sport is altijd een lastige combinatie. We belanden in de woonkamer van Oscar Jan. De kamer is klein en de klanken zijn fors. Oscar Jan is aan het klussen en duwt zijn schuurmachine voor een versterker. Zijn collega stopt zijn sopraansaxofoon in een teiltje water en blaast zich een ongeluk voor een piepend geluid. Experimentele klanken voor de liefhebber.

In de Eerste van Swindenstraat, boven de Zeeman, komen we in een prachtig huis terecht. Als het muzikaal tegen zit, dan loont het altijd nog om huizen te kijken; met een schuin hoofd probeer ik CD titels en boekenkaften te lezen en verder geniet ik van de schilderijen. Marijke zingt, terwijl Oscar Jan begeleidt. Ik vind Oscar Jan beduidend beter op de piano dan op de schuurmachine en Marijke is ontwapenend met haar liederen, waarvan ze er één ook achterstevoren zingt. Mark heeft een hele batterij pedaaltjes voor zijn elektrische gitaar waar hij erg druk mee is. Hij ‘sampelt’ zelfs Marijke nog even en test of ze haar lied écht achterstevoren heeft gezongen.

Verder gaat de tocht richting Middenlaan. Daar luisteren we naar liedjes met een kop en een staart van Coldair, een Poolse singer-songwriter. Het publiek wordt langzaam soezerig bij de ingetogen nummers en de Pool probeert stoïcijns het geloop en geklets van de aanwezige kleuters te negeren. Hup, de kou weer in (Coldair); even wakker worden. Over de Transvaalkade gaat de stoet. We vangen zelfs nog een glimp op van mevrouw Halsema aan haar keukentafel.

De laatste optredens zijn in een schitterend opgeknapt pand in de Marcusstraat. Een ontdekking in een straatje dat ik altijd net niet insla. Terwijl Analogic Sound Project de eerste bezoekers aan het dansen krijgt, eten we couscous en salade zittend op de houten vloer. Allemaal bij de prijs inbegrepen. Het dessert bestaat uit de pretentieloze ska van de band Off-topic. De mannen hebben plezier en de bassist doet het gewoon op zijn sokken.

Het was weer fijn en eigenwijsjes. Ben alweer benieuwd naar de volgende.




zondag 23 mei 2010

Elfde editie

Optredens van Yehudit Mizrahi, Kat Ex & Ditmer, zangkoor De Stemming en Controllar, alsmede korte intermezzi door Boris de Jong, Dusty Stray en Runny Margarita

Lokaties: de woonkamer van Ed, de tuin van John, diverse balkons, de woonkamer van Catelijn en cultuurwinkel Delicatessen

Een impressie door Christel Groot:

Het is vriend O. die mij uitnodigt mee te gaan naar het kleinste festival van Amsterdam (Oost): Wijsjes uit het Oosten. Maximaal aantal bezoekers: 25. Ik ben dan ook maar wat verheugd als de verlossende e-mail binnenkomt dat ik erbij zit; Yes! One of the lucky few!

Eerste Pinksterdag is het zo ver. In de brandende hitte meld ik mij op het eerste adres; een huiskamer in een nieuwbouwcomplex op het Beukenplein, behorend bij een man van middelbare leeftijd, voor de gelegenheid in het bezit van maar liefst twee Senseo-apparaten. Een tafel met bokkenpootjes, cakejes en melkcupjes wacht op de festivalgangers. Ik ben de eerste gast, in de woonkamer wordt nog nerveus geoefend. Quasi lui hang ik maar wat over de balustraden van de galerij en kijk naar de Indiase kinderen en hun plastic skelters beneden. [...]

Het wordt drukker. Daar is zowaar ook vriend O. Tussen de Senseo-apparaten in schudden alle festivalgangers braaf elkaars handje. Het is het elkaar symbolisch feliciteren met het bemachtigen van een plek op dit felbegeerde festival. De gasten zijn tussen de 30 en de 50, aardig, kunstminnend en licht alternatief. Veel donkere brillen en afgetrapte cowboylaarzen. Ook is er één kunstminnende hond. Het eerste optreden in de huiskamer door een frêle Indiase schone met een laptop en een gitaar verloopt aarzelend, maar wordt met een warm applaus onthaalt. Dan verplaatst het gehele gezelschap zich, met fiets en al naar de volgende plek; een betegelde tuin in de Vrolikstraat.

Bij binnenkomst krijgt iedereen een glaasje jenever. Met de volle zon en de jenever voel ik mij zowel van binnen als buiten lekker warm worden. Op het menu staan improvisaties van K. op drums (bekend van de bekende band The Ex) en een andere Zaankanter op sax en klarinet, aangevuld met witte boterhammen roomkaas en ‘dooie vis’, zo luidt het kaartje op de schaal. Ik hoop dat de Vrolikstraat een beetje houdt van saxofoon en lallende mensen. De wijn vloeit rijkelijk en het tempo van verplaatsen ligt tamelijk laag. De verbroedering en verzustering verloopt goed, daar op die tegels van de Vrolikstraat.

Langs het Oosterpark vol met zonnende mensen lopen wij -the lucky few- richting Madurastraat, waar we getrakteerd worden op heuse balkonscènes: een acteur, een singer-songwriter en een klassiek koortje! De Marokkaanse dames op het bankje in de luwte slaan geen acht op ons en de acteur; zij hebben wel gekker meegemaakt. Bij het laatste balkon mogen we weer binnenkomen. Een heel huis volgeprakt met een voltallig koor en een steeds aangeschotener en talrijker publiek, want alle artiesten sluiten zich bij de groep aan. Terwijl de prachtige Mozart-klanken klinken vraag ik me af of de goudvis wel voldoende water heeft. Er is na afloop meer wijn en meer kletsen en hee, ik zit ineens op een vreemde WC!

In Delicatessen, een cultuurwinkeltje in Oost, wordt ‘ons’ festival afgesloten met een dwarsfluitende Ghanees, voorlezende vagende mannen en een waanzinnige act van een jongen die met een elektrische handschoen muziek uit zijn laptop tovert en een meisje dat zomaar ineens een van de beste stemmen blijkt te hebben die ik ooit gehoord heb! Er is meer wijn, er is meer gepraat op straat, er wordt gelachen, iedereen is mijn vriend en er is zelfs pasta zonder bestek. Een meisje en ik besluiten ferm tot een ‘Pijp’-editie en we zeggen wel vijf keer ‘We gaan het echt doen, he’, tegen elkaar. Het wordt dan het ‘Ce n’est pas un pipe -festival’ of zij krijgt haar zin met ‘Pijpen voor een tientje’ (da’s de entreeprijs van dit goddelijke festival). Dikke kans dat we er morgen weer anders over denken. Maar morgen is morgen en vandaag is het feest.

Het wordt langzaam schemerig, de wijn is op, de eerste mensen rukken zich los uit deze roes. Als ik wegfiets, met de zwoele pinksterwind door mijn haren, kan ik alleen maar ongelofelijk blij zijn met deze ultieme intieme festivalervaring. Een tamelijk zeldzame combinatie van leuke mensen, fijne klanken, alcohol, warmte van de zon en druiven. Ik geloof even een jaartje geen Pinkpop voor mij!

nb Filmpjes van de 'balkon-scènes' in de Madurastraat staan hier en hier.

zondag 27 september 2009

Tiende editie

Optredens: Showdog, Marloes en Nienke, Louisa Lilani & John Prop, Sahand, Peter Quistgard , Garçon Taupe, Zea

Lokaties: Delicatessen, Haron en Nienke's woonkamer, Mercedes' woonkamer, Art Cage en een voormalig politieburootje aan de Linnaeusstraat

Hiernaast een foto-impressie door Ed Schenk.




















zaterdag 30 mei 2009

Negende editie

Optredens: Kanipchen-Fit, Awkward I, een surfband zonder naam, Two Dogs, Wounded Kite, Bob Billy

Lokaties: kunstenaarsbroedplaats Marci Panis, Etalagegalerie Inkijk, Bas' woonkamer, Koen's woonkamer, redactieruimte Dwars door de Buurt

Een impressie door Marc 'Don Marco' Hurkmans:

Elite tegen wil en dank
Normaal ga je naar een zoveelste concert en voel je je één van de velen. Een minuscuul deeltje van een massa. Hoe goed de band ook is, een bijzondere ervaring is een normale concertgang allang niet meer. Dat is anders bij Wijsjes Uit Het Oosten. Je voelt je een beetje bijzonder, als je daaraan mag deelnemen, als act of als publiek. Jullie zijn de elite, wreef halverwege het programma de zanger van Two Dogs ons met een vette knipoog onder de neus. Mag zijn, maar dan wel een elite tegen wil en dank. Dat krijg je ervan, als de door TMF gedomineerde buitenwereld niet de fantasie kan opbrengen om zoiets unieks als Wijsjes voor elkaar te krijgen.

Een misschien wel uniek concept in de wereld is het dan ook. Van lekker rommelige huiskamer tot beetje doemachtige metrostationskelderruimte. Tussen schuifdeuren, in een atelier, of een vrijwel leegstaande loods. Geen locatie zo gek, of de initiatiefnemers van Wijsjes Uit Het Oosten planten er een act neer. En de gastheren en gastvrouwen doen iedere editie weer hun best. Voor slechts een tientje per man of vrouw ben je een middag en avond onder de pannen. Achterafgerag, popdeuntjes en sympathieke miskleuntjes, lofi en nofi, surfpunk, you name it, alles komt zo’n beetje aan bod. Af en toe een gedicht, een stuk tekst. Jenever, fruitige mierzoete cocktails, niet te vergeten bier, en ook groentetaart, grote augurken, salade.

Meer dan dertig blije publieksdeelnemers lieten zich om 15.00 uur bij de entree van een oud schoolgebouw allereerst betoveren door Kanipchen-Fit uit New York. Betoveren is de juiste benaming voor de subtiele gitaarlijntjes van Empee Holwerda (Solbakken, Lul), die een spannende combi vormen met de expressieve soulstem en lijfelijke performance van Gloria, die regelmatig haar handen in de lucht gooit om het geheel kracht bij te zetten. Mooi hoe de twee, in het daaglijks leven een echtpaar, rond elkaar heen schuifelden tijdens het spelen. In een zogenaamd B-gedicht worden Bush en Co gehekeld waarbij ieder woord met de letter B begint. Er waren werkelijk momenten tijdens het optreden dat de rillingen me van ontroering en genot over de rug liepen, wat wil een muziekliefhebber nog meer.

Terwijl onder ons de metro langs denderde, bracht trio Awkward I mooie liedjes, waarbij me vooral de samenzang en de originele ideeën van de cellist erg bevielen. Vanuit de huiskamer van Bas ‘beatoffpoet’ Jacobs slingerde onvervalste smeuïge surfpunk á la Dick Dale de tuin in. En passant bracht Jacobs, die net als iedere man de hele tijd aan neuken denkt en daar dus ook veelvuldig over schrijft, een tekst waarin hij een link legde tussen neuspeuteren door een wannabe onderwijzer voor de klas en, inderdaad, neuken. Plat, zolang het maar werkt. Bonkig minimalisme was waar Two Dogs uit Rotjeknor ons op trakteerde. Drum, vervormde zang en akoestische bas, verder niks. Overigens ook hier een echtpaar dat zich uitleefde. Grappig ook dat de zanger na vijf, zes nummers roept: dit was het! en er dan nog een nummertje aan vastplakt.

Gejuich steeg op, daar op de stoep ergens op de Linnaeusstraat. Wat was het geval, het zou wel aan de cocktails liggen, maar de organisatie was ook even de draad kwijt en kon het betreffende pand op één hoog niet vinden. Kan allemaal gebeuren en niemand die klaagt, het kritisch vermogen is sowieso niet iets wat wordt geprikkeld in de algehele sfeer van welwillendheid. Een sfeer die niet eens benauwend werkt voor degene die de lat wel graag wat hoger legt dan de doorsnee sterveling. We komen de woonkamer binnen en de band Wounded Kite speelt al. Mijn geestesoog zeilt langs het Dinosaur jr T-shirt van één der bandleden. Ik plof neer op het bankstel, en sta even later in de rij voor een heerlijk stuk groentetaart. Spoel het weg met een Jupilertje en weet, dat het goed is.

Hekkensluiter Bob Billy brengt een soort toeristenpop, de zonnebril van de aangeschoten in het wit geklede zanger hangt op zjn borstkas aan zijn shirt vastgehaakt. Waar zijn we nu, o ja, het redactielokaal van een krant. Dansbaar is het maar misschien zijn wij allemaal wat te beleefd. Zelf vind ik deze afsluiter een beetje mat, maar wat zei ik daarnet ook weer over kritisch vermogen, het zal me eerlijk gezegd een worst zijn, de sfeer is beregoed, we trekken nog meer bier en wijn open, iedereen loopt met een glimlach rond terwijl buiten zich weer een saaie, alledaagse dag voltrekt. Je ontmoet ouwe bekenden, je spreekt met en paar nieuwe gezichten, de commercie is verslagen, het was goed en zo was het. Zo ervaar ik het tenminste, en dus, heel elitair misschien, is het zo.

zondag 1 juni 2008

Achtste editie

Optredens: Jack Stafford, Jan & Romke, Pfaff, Louisa Lilani & John Prop, Soccer Committee, Kanipchen-Fit [USA] en Zea

Lokaties: Jos' woonkamer/atelier, 't Blijvertje, zomaar ergens langs de straat, Julie's woonkamer, Christoffel's woonkamer en het Pleintheater.

een verslag door Vido Liber:
Nog voordat ik het huis aan de Sajetstraat had gevonden, werd ik vanaf een balkon gewenkt door wat later op de dag de hoofdact van Wijsjes uit het Oosten bleek te zijn. Een stapel reclamefolders hield de voordeur van het appartementencomplex open. Door de vele kunstvoorwerpen oogde het interieur van de woning van gastvrouw Jos als een galerie. De op tafels uitgestalde lekkernijen in het atelier pasten goed tussen de objecten. Bijna alle deelnemers aan de achtste editie van het huiskamerfestival kwamen tegelijkertijd binnen. Slechts een enkeling belde aan terwijl de eerste act al was aangevangen. Singer/songwriter Jack Stafford – pas het laatste moment als vervanger beschikbaar – stond in de voorhal, pal voor de toiletdeur. Het publiek had zich verspreid over de hal, de gang, de keuken en twee kamers. De Britse zanger treedt normaal gesproken op met zijn vriendin, maar die moest deze dag op katten passen. Nu had Stafford geen assistentie bij het uitzoeken van de liedjes, spiekend op het lijstje achter op zijn akoestische gitaar. Direct vanaf zijn eerste liedje had Jack Stafford de lachers op zijn hand dankzij gevat rijmende, innemende teksten over herkenbare onderwerpen, zoals verzamelwoede, uit de hand gelopen arbeidsmoraal en het verzoek aan Woody Allen of hij alsjeblieft wil ophouden met het maken van films. Een lied over een homofiele vriend die maar niet uit de kast wil komen, zong hij op komische wijze in de stijl van Johnny Cash.

We lieten de fietsen achter en liepen voor het tweede festivaladres langs het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis, over het Beukenplein naar ‘t Blijvertje, het culturele kraakcafé aan de Derde Oosterparkstraat, alwaar we welkom werden geheten door gastheer Henk. Op de wankele houten bar deelde medeorganisator John Prop de traditionele jonge jenever en augurken uit. Voor het raam stonden een keyboard, een versterker en een microfoonstandaard klaar. Het keyboard bleef onaangeroerd tijdens het optreden van Jan & Romke. In plaats daarvan kwam de muzikale begeleiding gedeeltelijk uit de ovalen boombox die Friese dichter Jan Kleefstra in zijn arm wiegde als was het een zuigeling. De minimale pianolijnen van de Amerikaanse componist William Basinski uit de kleine speakers werden overgenomen door de eveneens spaarzame akkoorden van gitarist Romke Kleefstra. In beide gedichten speelden landschap, sterven en dood de hoofdrol – een groot contrast met de opbeurende eerste act van de dag. De zeer ingetogen presentatie en de kalme dictie van Jan hield het café muisstil. In het tweede nummer vermengde een schurende en huilende Japanse saxofoon uit de boombox zich met de gitaarakkoorden, aangevuld met de ratelende vingers van een vrijwilliger die achterin het pand aan de computer een website bijhield. Het onbedoelde geluid sloot wonderwel aan op de muziek.

De wandeling naar de derde locatie bracht ons via de Vrolikstraat en de Linneaustraat langs het Polderweggebied richting Hogeweg. Heel even hield de groep stil onder een poortje voor een komisch verhaalfragment uit een bundel van dichter, schrijver en muzikant Pfaff. Niet ver van de fontein bij de Linnaeusparkweg betraden we de elegante woning van Julie. Met een stukje warme quiche en een glas koele rosé gingen we zitten op de uitgestalde stoelen, binnen in de kamer vlakbij de piano of in de tuin in de zonneschijn. De fleurig geklede zangeres Louisa Lilani gebruikte de drempel als podium en opende een set van elf liedjes, haar handen verstopt in bokshandschoenen. De akkoorden van pianist John Prop waren zoals gebruikelijk vrijwel allemaal in mineur, maar als je goed luisterde hoorde je genoeg speelsheid in zowel pianospel als de songteksten, zodat een depressief gevoel ons bespaard bleef. Het geladen pianorepertoire van het duo is, mede dankzij de tweestemmige zang, een voorlopig hoogtepunt in hun sporadische carrière. Niet alleen de genodigden in huis en tuin waar daarvan getuige. Aan de overkant hingen nieuwsgierige buren uit de ramen van hun slaapkamers. Een merel meende in Louisa’s zang een concurrent te herkennen en verdedigde zijn territorium door extra luid te fluiten.

De lange weg terug sloeg bij de Vrolikstraat naar rechts, bij een pand aan het Eikenplein. In de ruime woonkamer van gastheer Christoffel gaf een immens raam zicht op het plein en op voetballende jongetjes die met hun spel regelmatig op gevaarlijke wijze het verkeer tot een halt brachten. Met toastjes en bier in de hand omringde het publiek de naast de piano gezeten zangeres soccer Committee. De stilte die Mariska Baars met haar bondige set afdwong werd beschermd door het geluidsisolerende raam. De stad kon het huis niet binnendringen. In de kamer hoorden we slechts de behoedzaam aangeslagen gitaarsnaren en de ingehouden vocalen. Soccer Committee zong alsof ze persoonlijk bij je in je oor fluisterde en ze iets probeerde te vertellen wat enkel voor jou bedoeld was en niet voor de persoon naast je. De muzikale intimiteit paste prima in de setting van een huiskamer.

Via het Oosterpark liepen we terug naar de plek waar onze fietsen wachtten. We konden ze voorlopig nog even laten staan, want tegenover de deur waar we het festival waren begonnen, stonden de deuren open van het Pleintheater. Een echt theater hadden we bij de Wijsjes uit het Oosten niet eerder betreden. John Prop sloeg binnen op de gong en nodigde ons uit de theaterzaal te betreden. In de kale zaal waren de spotlichten gericht op een versterker en twee microfoonstandaards. Bij de eerste gitaarakkoorden kwamen Empee en Gloria van Kanipchen-Fit tevoorschijn vanachter de zwarte gordijnen aan het andere eind van het podium. Het Fries/Amerikaanse duo uit New York benutte de volledige ruimte en trok regelmatig, al musicerend en dansend, diagonale lijnen, met Empee aan de ene en Gloria aan het andere einde. Alle favoriete liedjes kwamen voorbij, aangedreven door het ritmische getik en gebonk uit de drummachine. Te oordelen aan de lichaamshouding hadden enkele bezoekers moeite zich te bedwingen en niet op het podium te springen voor een vreugdedans.

Na de in het café geserveerde vegetarische maaltijd speelde Arnold van zea als toetje een soloset. Een laptop en twee versterkers ter grootte van een pak Brinta stonden achter Arnold op een hoge bartafel. Zijn bezoek aan Ethiopië, ruim een week eerder, had zijn invloed op de gitaarpartijen die klonken als gespeeld op een genetisch gemanipuleerde duimpiano. Naast nieuwe en oude nummers (waaronder een antivoetballied naar aanleiding van het aankomende EK) coverde zea Leadbelly (via The Fall) en The Ramones en verbasterde de muzikale whizzkid I Wanna Be Sedated tot I Wanna Be Deleted. Op zijn gemak zittend in de serre sloot verteller Pfaff de lange dag af met een vertrouwd onverbloemde kijk onder zijn dekens. Begeleid door traditionele rocksongs uit de barspeakers vertrokken veel van de tevreden festivalgangers pas na middernacht.

zondag 11 november 2007

Zevende en speciale najaarseditie

'Life feels like a metaphore for something else'

Optredens: Estarabims, Jacq & John, Lucky Fonz III, Dan Geesin, Vido's video, Jaap Pieters, Frederique Lucanet, The Cuties, Les Bif-tecs

Lokaties: John's atelier en een niet nader te noemen, want illegaal gebruikte, kantoorruimte van het stadsdeel

VPRO's 3voor12 kwam langs en maakte een videoverslag. Ga hier naar de betreffende pagina en klik op het kleine, bewegende filmbeeldje rechtsbeneden.

zondag 1 april 2007

Zesde editie

Optredens: Wolfling, Arthur Weverling, Roy Santiago, Pfaff, Lord Of The Yum-Yum [USA]


Lokaties: Gert's woonkamer, John's atelier, Renate's atelier, de voormalige loketruimte van NS-station Amsterdam Muiderpoort en Haron & Nienke's woonkamer


zondag 20 augustus 2006

Vijfde editie

Optredens: Frederique Lucanet, Pfaff, Pien Feith, Wilf & Jeroen, Trio Anti-Gras, The Ik Jan Cremers

Lokaties: John's atelier, Etalagegalerie Inkijk, Gert's woonkamer, Zeynep's woonkamer en Bas' woonkamer











zondag 10 april 2005

Vierde Editie


Lokaties: Galerie Outline, fietsenmakerij 't Mannetje, Marloes' woonkamer, Bas' tuin en Galerie Pakt///

door Blue-log.com:
Na de huiskameroptredens in het kader van Live in Your Living Room, gingen we nu kleinschalig in Amsterdam Oost in het kader van Wijsjes uit het Oosten. Met een man of twintig liepen we van huis naar huis, waar we behalve een borrel en een hapje ook een muziekske aangeboden kregen. Liedjes van Dan Geesin, Louisa en John, brute gitaarnoise van Ivica, Marloes van voorheen Norma Jean, een Brits bandje bij Pfaff thuis, Post Office, Empee en de nieuwe band van ex-Seedling’s Mariken (naam is me effe ontschoten).

Soms was het heel klein en mooi, soms trommelvliezen brekend hard (de mannetjes uit de buurt die door het glas Ivica gadesloegen, kwamen er niet uit: 'Wat doet-ie daar nou?') Maar bovenal was het heel, heel fijn.

zondag 23 mei 2004

Derde editie

Optredens: The Whipper Wails [USA], Pfaff, Jeremy, Empee & Gloria, nogmaals Pfaff

Lokaties: David's woonkamer, een leegstaande winkelruimte, Jeremy's woonkamer, Empee's woonkamer en een kantine van het stadsdeel

recensie door Vido Liber:
De derde editie van het huiskamerfestival Wijsjes Uit Het Oosten ging van start aan de Tilanusstraat bij The Whipper Wails, een traditionele folkband met drie bebaarde Amerikaanse broers op gitaar, banjo, een ontstemde piano en zang, aangevuld met wasbord, vrouwenzang en staande bas. Een kleine vijfentwintig man/vrouw vond een plek in de eenkamerwoning, op de bank, tegen de muur, leunend tegen een kast, in de serre bij de drankjes en zelfgemaakte hapjes, de keuken en, speciaal gereserveerd voor de rokers, bij het raam in de achtertuin. Ze knikten met hun hoofden op uitbundige meerstemmige folk die werd afgewisseld met ingetogen liefdesliedjes waarvan er eentje in gebroken Nederlands.

De hele club stak het Oosterpark over naar de Commelinstraat voor een tussenstop in een verlaten minigalerie. Bas van Pfaff en Seedling droeg enkele gedichten voor tussen spinnenwebben terwijl augurken en brandy werd geserveerd. De op de witte wanden gekalkte geldbedragen waren het laatste bewijs dat aan de lege muren ooit schilderijen hebben gehangen.

Aan de andere kant van het spoor, op de bovenste verdieping ergens in de Makassarstraat, bood Jeremy van Soda P obscure drankjes aan en zong hij zittend bij het raam, zichzelf begeleidend op akoestische gitaar en af en toe spiekend naar akkoorden en teksten in zijn notitieblok. In het kleine, maar zeer internationale gezelschap (met naast Nederlanders ook Amerikanen, Denen, Fransen en Britten) kon je tijdens een Franstalig liedje aan de glimlach zien wie er uit Frankrijk kwam.

Een paar straten verderop had Empee van Solbakken zijn kamer geleegd om iedereen een plek te gunnen. Aan de muur hingen kunstwerken van zijn Amerikaanse vrouw Gloria. Terwijl beneden op straat de stad genoot van het halve zonnetje, en voetgangers, fietsers, auto' en trams passeerden, begeleidde Empee half improviserend de blues en de gedichten van Gloria. In haar voordracht waarde de geest van The Last Poets. Haar meest geengageerde bijdrage was het verhaal Four Blind Rats over Amerikaanse agenten die vrijuit gingen na de moord op een ongewapende zwarte man.

Het laatste adres in de muzikale zoektocht leidde naar een kantine naast het spoor, vlakbij het Muiderpoortstation, op een afgesloten gemeenteterrein dat binnenkort op de schop gaat. In de ruimte naast de kantine hield een eenzame kip haar kuikens warm. Het dier schrok niet van het lawaai van de twee drums, de gitaar en het gekrijs van afsluitende act Pfaff. Tijdens hun optreden werd meegezongen en wild gedanst in de kleine ruimte. Een van de organisatoren van het festival durfde het met zijn beschonken kop zelfs aan op het aanrecht achterin te springen, wild zwaaiend met zijn armen en behoedzaam bukkend omdat het plafond eigenlijk veel te laag was voor zijn capriolen. Het gedruis van dubbele drums kon de kleine ruimte nauwelijks ontsnappen. Ze overstemden de rood aanlopende zanger Bas en joegen me oorverdovend naar het gangetje waar ik via een raam de band perfect vanaf de zijkant kon gadeslaan.

Wijsjes Uit Het Oosten eindigde net als vorig jaar met een gemoedelijk dronken chaotisch open podium voor losgeslagen dubbele drumsolo's, liedjes van Louisa Lilani & John Prop (voor het eerst begeleid op drums) en grappig wankele country door Empee. Achterin de bar vonden we een doosje met de cassettes die de gemeentewerkers er hadden achtergelaten. Lion Richy stond op een van bandjes gekrabbeld. Ideale muziek om de laatste voorraad drank en eten op te maken. All Night Long luidde voor mij de avond uit. Een hoofdstuk in de kleine muziekgeschiedenis van Amsterdam was voorbij.